Pastoraat van een islamitisch geestelijk verzorger als kritische spiegel

Door: Jeroen Jeroense

Op 25 november 2020 is in het Radboudumc Nijmegen het boek: ‘Saïda. Van schoonmaakster tot islamitisch geestelijk verzorger’ gepresenteerd. Deze biografie, die ik samen met Trijnie Nielen-Rosier en Karin Spelt geschreven heb, beschrijft de ontwikkeling van Saïda Aoulad Baktit tot islamitisch geestelijk verzorger. Daarnaast komen onderwerpen als integratie in de Nederlandse cultuur, het leven met verschillende identiteiten, de betekenis van haar geloof en de positie van de vrouw in de islam aan de orde.

Na een traject van een aantal jaren is Saïda aangesteld als eerste islamitisch geestelijk verzorger van de Dienst Geestelijke Verzorging en Pastoraat in het Radboudumc. Een unieke pioniersfunctie die Saïda met veel enthousiasme invult. In haar baanbrekende werk vraagt ze aandacht voor de specifieke rituelen en gedachten van de moslims omtrent ziekte, dood en palliatieve zorg.

Ik heb Saïda leren kennen tijdens mijn stage voor de KPV in het Radboudumc. Opvallend vond ik het dat Saïda zonder al te veel gêne met de koran onder haar arm over de afdelingen liep en het vanzelfsprekend vond om in gesprek met patiënten religieuze onderwerpen aan te kaarten. Ik zag mezelf niet zo snel met een bijbel door de eindeloze gangen van het ziekenhuis lopen. Daarnaast vond ik het best lastig om in een zingevingsgesprek met een patiënt de spirituele dimensie aan de orde te stellen. Ik bespeurde als trainee een zekere verlegenheid om het religieuze aan te kaarten in de ontmoeting tussen patiënt en geestelijk verzorger. Als predikant was ik de afgelopen jaren ook niet zo scheutig met het inbrengen van een religieus taalveld in gesprekken met gemeenteleden. Ik vond de kansel of het theologische debat meer de juiste plek om het theologische discours in te brengen dan de pastorale ontmoeting.

Natuurlijk spreken over geloof

Door de ontmoetingen en gesprekken met Saïda ben ik me meer en meer gaan afvragen in hoeverre ik als predikant op een meer natuurlijke manier geloofsthema’s ter sprake kan brengen in het pastoraat. Ik ben me af gaan vragen hoe groot de rol van het christelijk geloof is voor mijn ontmoetingen met gemeenteleden als predikant. Als predikant krijg je, laat ik voor mezelf spreken, een toch wat verstandelijke omgang met de grote woorden en thema’s uit de christelijke traditie en raken ze meer op een afstand. Voor Saïda is het heel gewoon, ja bijna noodzakelijk, om bij moslim patiënten het geloof aan de orde te stellen want dit is een wezenlijk onderdeel van het bestaan. ‘Moslim zijn’ is inherent aan het hebben van een relatie met Allah.

Misschien idealiseer ik de relatie van Saïda met Allah, ook zij is een druk bezet iemand, maar ik voel dat het geloof bij haar op een meer natuurlijke manier met haar leven en werk is verbonden. Door de ontmoeting met Saïda en het schrijven van dit boek probeer ik de laatste tijd de spirituele dimensie van het bestaan sneller bespreekbaar te maken. Als predikant kan ik het geloof via een een vraag inbrengen zonder moralistisch te zijn. Het is voor mij nog een zoektocht naar een juiste inbreng van het religieuze in het pastorale gesprek, maar ik ben er wel veel meer mee bezig. De Eeuwige is natuurlijk ook present zonder dat ik de Naam noem, maar het is geen kwaad de Naam ook te verwoorden.

Saïda. Van schoonmaakster tot islamitisch geestelijk verzorger,
Jeroen Jeroense – Trijnie Nielen-Rosier – Karin Spelt (Uitgeverij Van Warven, Kampen).